Voorbeelden

Fysiotherapie bij Parkinson of parkinsonismen

Onze hersenen regelen het bewegen zoveel mogelijk automatisch. Alle handelingen worden goed op elkaar afgestemd.
Bij Parkinson gaat de “ automatische piloot” haperen, zodat het bewegen moeilijker gaat en meer bewust moet gebeuren.
De gevolgen van Parkinson zijn deels lichamelijk van aard: er kunnen problemen zijn met lopen, het bewaren van het evenwicht, het starten/stoppen van een beweging of het opstaan uit een stoel of bed.
Ook kunnen delen van het lichaam soms gaan beven.
De behandeling door de fysiotherapeut richt zich bij Parkinson op het beter leren omgaan met de ziekte, zodat u zolang mogelijk uw zelfstandigheid kan behouden.

De fysiotherapeut zal samen met u in kaart brengen wat de problemen zijn en wat u zelf belangrijk vindt om weer te kunnen.

De behandeling kan bestaan uit:

  • Activiteiten zoals weer aanleren om makkelijker op te kunnen staan uit stoel of bed.
  • Activiteiten om weer makkelijker te kunnen draaien in bed
  • Activiteiten om weer makkelijker te kunnen lopen binnen en buitenshuis
  • Het verbeteren van de algehele conditie die vaak is verminderd bij Parkinson
  • Het verbeteren van het evenwicht, zodat eventuele valpartijen voorkomen kunnen worden.


Doelen
Samen met u worden de doelen opgesteld. Bijvoorbeeld:

  • "Als ik de voordeur open moet doen, blijf ik aan de grond plakken. Hoe kan ik dat voorkomen?"
  • "Als ik langer achter elkaar loop, kan ik mijn snelheid niet vertragen. Hoe kan ik leren om te stoppen?"
  • "Als ik s nachts omdraai, raak ik verstrikt in het dekbed. Hoe kan ik makkelijker omdraaien?"


Fysiotherapie bij artrose
Artrose staat ook bekend als gewrichtsslijtage. Artrose kan zich in alle gewrichten voordoen, maar vooral in de meest belaste gewrichten zoals heup en knie. Meestal is artrose geen ernstige aandoening.

Als u artrose heeft, voelen uw gewrichten stijf aan en bewegen doet pijn. Ook kan u moeite met lopen hebben. Als u af en toe pijnlijke, stijve gewrichten heeft, hoeft u zich niet meteen zorgen te maken. Maar als de klachten verergeren kan de fysiotherapeut u helpen. Hij bekijkt samen met u wat uw klachten zijn en wat u daar samen met hem het beste aan kunt doen. Hij kan u vertellen waar u op moet letten bij het bewegen en wat u beter niet meer kunt doen.

De behandeling kan bestaan uit:

  • Vergroting van de kracht in de spieren;
  • Verbetering van de houding;
  • Informatie over hoever u kunt gaan bij bewegen;
  • Uitleg over het belang van bewegen bij artrose;
  • Uitleg over en uitproberen van een loophulpmiddel als het lopen moeilijk wordt.

 

Doelen
Samen met u worden de doelen opgesteld. Bijvoorbeeld:

  • "Mijn spieren moeten sterker geworden want ik wil weer traplopen".
  • "Ik wil meer weten over de ochtendstijfheid, want ik kom zo moeilijk uit bed
    ’s morgens".
  • "Ik wil weer met mijn rollator kunnen lopen, zodat ik zelf weer mijn boodschappen kan doen".

 

Fysiotherapie bij een beroerte of CVA

De gevolgen van een beroerte zijn deels lichamelijk van aard: er kunnen problemen zijn met lopen, het evenwicht houden is moeilijk, een arm die ‘niet meewerkt’ of moeite hebben met praten. Daarnaast kan een beroerte ook voor psychosociale problemen zorgen.
Het gedrag of het karakter veranderen. De problemen die men ondervindt zijn afhankelijk van de hoeveelheid weefsel die beschadigd is en in welk deel van de hersenen.
De behandeling door de fysiotherapeut richt zich na een beroerte op de revalidatie van de klachten en het voorkomen van andere lichamelijke problemen. Het doel van de fysiotherapie is dat u leert om allerlei dagelijkse activiteiten weer zelf te doen. De fysiotherapeut zal samen met u in kaart brengen wat de problemen zijn en wat u zelf belangrijk vindt om weer te kunnen.

De behandeling kan bestaan uit:

  • Activiteiten zoals weer aanleren van opstaan en gaan zitten, staan en zich verplaatsen; 
  • Opnieuw leren lopen. Hierbij wordt vaak gebruikgemaakt van een hulpmiddel zoals de brug, een wandelstok of een beugel ter ondersteuning van de voet;
  • Het gebruik van de verlamde arm, hoe kunt deze weer het beste inschakelen bij bijvoorbeeld het aankleden;
  • Het verbeteren van uw algehele conditie die vaak na een beroerte is verminderd.

 

Doelen
Samen met u stellen wij de doelen op. Bijvoorbeeld: 

  • “Ik wil graag zelf uit de stoel op kunnen staan, zodat ik zelf naar het toilet toe kan.”
  • “Weer thuis kunnen wonen is voor mij belangrijk, ik moet daarvoor wel kunnen lopen.”
  • “Ik zit in een rolstoel, maar samen met de fysiotherapeut doe ik oefeningen zodat mijn conditie goed blijft.”

 
Fysiotherapie bij een nieuwe heup of knieoperatie

Een heup of knieprothese operatie wordt meestal gedaan bij slijtage van de gewrichten. Er ist al lange tijd sprake van pijn bij lopen en er wordt moeilijker en minder gelopen.
Door de gevolgen van artrose in het gewricht zijn de bewegingen in de heup of knie beperkt, en is de kracht afgenomen in de spieren. In de meeste gevallen is het uithoudingsvermogen en conditie afgenomen.
Na de operatie is het versleten gewricht vervangen door nieuw materiaal maar zijn de spieren en het kapsel van de gewrichten hetzelfde gebleven. Het is daarom belangrijk dat men zo snel mogelijk weer gaat bewegen om te herstellen van de operatie.
De fysiotherapeut zal samen met u in kaart brengen wat de problemen zijn en wat u zelf belangrijk vindt om weer te kunnen.

De behandeling kan bestaan uit;

  • Leren lopen. In het begin met behulp van een looprekje, krukken of een rollator. Daarna zo mogelijk zonder loophulpmiddel;
  • Allerlei praktische informatie over de beste manier om te gaan liggen, zitten, opstaan, staan en lopen;
  • Advies over bewegingen die u tijdelijk beter niet kunt maken, zoals diep bukken en op de zij slapen;
  • Versterken van de kracht van de beenspieren.

 

Doelen
Samen met u worden de doelen opgesteld. Bijvoorbeeld: 

  • “Door de artrose kon ik niet ver meer lopen en was mijn conditie erg slecht. Deze wil ik graag weer verbeteren.”
  • “Om weer naar huis te kunnen moet ik trap kunnen lopen, dit wil ik graag weer leren.”
  • “Ik ben blij met mijn nieuwe heup, maar ook mijn andere heup heeft klachten. Ik wil weten hoe ik daarmee het beste kan omgaan.”

 
Fysiotherapie bij COPD

COPD is een chronische longziekte waarbij ademhalen moeite kost. Dit komt omdat de longen ontstoken en beschadigd zijn. COPD is een verzamelnaam voor longaandoeningen, zoals chronische bronchitis en longemfyseem. De belangrijkste klachten zijn het ophoesten van slijm, kortademigheid en een verminderde algehele conditie.
Als u benauwd bent bij inspanning of last heeft van hoestbuien, is het belangrijk dat u voldoende beweegt. Ook al denkt u misschien dat het beter is om iedere lichamelijke activiteit te vermijden en daarmee uw benauwdheid te verminderen. Het omgekeerde is namelijk waar: als u minder beweegt, zult u eerder klachten krijgen en zal uw conditie verder afnemen. Bewegen geeft lucht.
De fysiotherapeut zal samen met u in kaart brengen waarvan u hinder ondervindt in het dagelijks leven en wat u daaraan het beste kunt doen.

De behandeling wordt vaak in groepsvorm gegeven en kan bestaan uit:

  • Verbetering van de algehele conditie;
  • Vermindering van de kortademigheid; V
  • Verbetering van het ophoesten van slijm;
  • Aanleren van een goede ademhalingstechniek;
  • Advies over afwisseling van rust en inspanning.

 

Doelen
Samen met u worden de doelen opgesteld. Bijvoorbeeld: 

  • “Als ik benauwd ben wil ik makkelijker het slijm kunnen ophoesten.”
  • “Soms doe ik teveel achter elkaar en voel me daarna beroerd. Ik wil leren tot hoe ver ik kan gaan met bewegen en waarop ik dan moet letten.”
  • “Ik wil graag meer bewegen zodat mijn conditie weer beter wordt.”

 

Fysiotherapie bij hartfalen

Hartfalen is een combinatie van verschijnselen die ontstaan door een verminderde pompfunctie van het hart. Hierdoor wordt de conditie slechter en bent u sneller kortademig.
Veel voorkomende klachten bij mensen met hartfalen zijn:

  • Vermoeidheid;
  • Kortademigheid; 
  • Onzekerheid over lichamelijke gesteldheid; 
  • Vermindering van sociale activiteiten; 
  • Vermindering van kwaliteit van leven.

U bent hierdoor misschien geneigd minder te bewegen, maar juist hierdoor verergeren uw klachten en worden uw mogelijkheden minder. De fysiotherapeut zal samen met u kijken wat uw mogelijkheden zijn en hoe u deze verder kunt vergroten. Hij zal u uitleggen waarop u moet letten als u beweegt.
Het is goed om ná de training actief te blijven om de conditie verder te verbeteren of op peil te houden.

De behandeling kan bestaan uit

  • Verbetering van de conditie;
  • Vermindering van de vermoeidheid; 
  • Verbetering van spierkracht; 
  • Leren kennen van uw lichamelijke grenzen;
  • Leren omgaan met de lichamelijke beperkingen;
  • Informatie over een gezonde leefstijl.


Doelen
Samen met u worden de doelen opgesteld. Bijvoorbeeld: 

  • “Ik wil mijn onzekerheid verminderen en zonder angst kunnen bewegen.”
  • “Een eindje fietsen, dat vind ik leuk en dat wil ik graag weer kunnen.”
  • “Ik wil graag weten hoe ik door te bewegen ergere klachten kan voorkomen.”

 
Fysiotherapie bij problemen met lopen
 

Als u moeilijker loopt kan dit verschillende oorzaken hebben. Bijvoorbeeld slijtage van de heup of de knie, verandering van de houding door botontkalking of een operatie aan de rug. Als de oorzaak niet te verhelpen is maar u toch wilt kijken hoe u het lopen kunt verbeteren dan bent u bij de fysiotherapeut aan het goede adres.
De fysiotherapeut kijkt samen met u waarvan u hinder ondervindt bij het lopen en wat u daaraan het beste kunt doen.

De behandeling kan bestaan uit

  • Verbetering van de kracht van de benen;
  • Verbetering van de algehele conditie;
  • Verbetering van het evenwicht;
  • Uitproberen van een loophulpmiddel of andere schoenen.

 

Doelen
Samen met u worden de doelen opgesteld. Bijvoorbeeld:

  • “Ik wil weer langer kunnen lopen, zodat ik zelf mijn boodschappen kan doen in de supermarkt.”
  • “Ik wil weer even naar de buurvrouw kunnen, zodat zij niet altijd naar mij toe hoeft te komen.”
  • “Weer de trap op kunnen lopen, zodat ik weer boven kan slapen.”



Fysiotherapie bij dementie

Bij dementie is er sprake van geleidelijke achteruitgang van het geestelijk functioneren. Meestal staan geheugenstoornissen hierbij op de voorgrond. Na verloop van tijd kunnen er echter ook lichamelijke verschijnselen ontstaan, zoals moeilijker lopen, moeite met allerlei dagelijkse vaardigheden en moeite met praten. Door dementie heeft iemand ook minder initiatief om dingen te ondernemen en beweegt hierdoor minder. De fysiotherapeut bekijkt samen met u en uw verwanten wat het probleem is en hoe hij u hierbij het beste kan helpen.
In het begin zal de therapie gericht zijn op het behoud van staan en lopen. Later kunnen er ook problemen komen met zitten en liggen. De fysiotherapeut zal dan proberen u zo veel mogelijk comfort te bieden in de stoel en in bed. Het voorkomen van pijn en verdere klachten staat hierbij centraal. Hij werkt hierbij samen met andere disciplines zoals de ergotherapeut, de specialist ouderengeneeskunde en eventueel familie of verzorging.
De behandeling kan zowel in een groep als ook individueel worden gegeven en kan bestaan uit:

  • Verbetering van een loophulpmiddel; 
  • Uitlokken van beweging door een groepsspel; 
  • Advies over de juiste houding in bed en in de stoel.

 

Doelen
Samen met u en uw verwanten worden de doelen opgesteld. Bijvoorbeeld:

  • “Ik wil graag met mijn partner een stukje buiten kunnen lopen. Dat vinden we fijn om samen te doen.”
  • “Samen bewegen vind ik leuk, alleen heb ik hier geen zin meer in.” 
  • “Mijn moeder heeft pijn als zij in bed ligt; kan dit verholpen worden?”